Home Politiek Van zijn eerste kus tot zijn eerste festival: de zomers van premier Alexander De Croo (Open VLD) in vijf liedjes
Politiek - augustus 1, 2021

Van zijn eerste kus tot zijn eerste festival: de zomers van premier Alexander De Croo (Open VLD) in vijf liedjes

Van zijn eerste kus tot zijn eerste festival: de zomers van premier Alexander De Croo (Open VLD) in vijf liedjes

We kennen hem allemaal als de eerste minister van ons land, maar Alexander De Croo (45) had nog een heel leven voor zijn politieke carrière van wal ging. Voor “De zomers van …” dook onze Radio 2-presentatrice Kim Debrie in zijn vakantiegeheugen en kwam ze te weten wie de persoon is achter onze premier. Ze nam hem daarvoor mee naar De Haan. “Mijn ouders hadden een heel druk leven, dus ze stuurden me tijdens de zomer vaak naar mijn tante aan zee”, zegt De Croo, voor wie de Belgische kust dus geen onbekende bestemming is. “De laatste jaren bezoek ik de Belgische kust, bij gebrek aan tijd en door andere prioriteiten, wel wat minder.” Bekijk hieronder een deel van het gesprek: Videospeler inladen… Beluister het volledige gesprek als podcast ‘De Zomers van…’ in de Radio 2-app. Jaren 80: Indochine “Vanaf mijn 8 jaar stuurden mijn ouders me op kamp, in Frankrijk, met enkel en alleen andere Franse kinderen. In het begin was dat hard. Mijn mama reed met mij naar ergens in de buurt van Parijs, dropte mij daar bij een groep Franse kinderen en vertrok nog voor ik het goed doorhad, omdat ze wist dat ik moeite had met afscheid nemen. Drie weken spendeerde ik daar dan.”  “Ik deed er trektochten door de bergen of kajakkampen, waar ik de enige Vlaming was. De kinderen noemden me ‘Le petit Belge’, of ‘Le Flamand rose’, wat een flamenco betekende. Ze lachten wat met mij, maar ik heb er heel goed Frans geleerd. Op het einde van zo’n kamp droomde ik in het Frans. En dat ik ook heel wat woordenschat leerde die mijn ouders niet echt wilden, dat moesten ze er maar bijnemen.” Van zijn mama kreeg Alexander De Croo dé levenstip: “Een taal leer je het snelst tussen de lakens.” In dit fragment klapt De Croo (een beetje) uit de school: “Rond mijn vijftiende vond ik het niet meer zo erg om daar naartoe te gaan, want ik vond de Franse meisjes wel leuk. Laat ons zeggen dat mijn eerste zoentjes wel op die vakanties waren.” “Of ik het met mijn eigen kinderen zou doen, weet ik niet. Het was zwaar, want toen waren er nog geen gsm’s en je moest echt in een taal die je niet kent op eigen benen staan. Maar ik heb geleerd om voor mezelf op te komen en ik heb me leren smijten in een taal. En eigenlijk is dat het belangrijkste.” Begin jaren 90: Nirvana “Ik herinner mij nog de eerste keer dat ik “Smells like teen spirit” van Nirvana hoorde. Een goede vriend en ik keken naar elkaar en zeiden “wow, dit ìs het gewoon”.  Dat was het begin van mijn interesse voor muziek. Van echt beginnen over muziek te lezen en cassetjes aan elkaar door te geven tot de eerste fuiven.” Ook papa Herman De Croo zat ooit met een puber thuis die van luide muziek hield: “Maar die zomer was ook het moment van mijn eerste vakantiejob. Mijn ouders vonden dat ik zelf moest begrijpen wat het is om te werken voor mijn geld. Mijn eerste job was in een limonadefabriek in Brakel. Dat was op 5 kilometer van bij mij thuis. De shifts waren van 6 uur tot 14 uur of van 14 uur tot 22 uur. En om goed wakker te worden luisterde ik naar Nirvana op mijn fiets om 5:30 uur.” “Wekenlang moest ik pakken limonadeflessen van 1,5 liter van de band pakken en op paletten zetten. En dat acht uur aan een stuk. Dat was fysiek én mentaal onwaarschijnlijk zwaar. De tijd duurde zo lang en dat was altijd hetzelfde. Ik deed dat een maand, sommige mensen doen dat heel hun leven. Langs de andere kant kwam ik daar na een maand wel buiten na een maand met serieuze spieren.” 1994: dEUS “In de zomer van 1994 zat ik net op kot. Ik studeerde aan de VUB en ik had grote interesse voor muziek. Ik ging graag naar festivals. Op de VUB was er iemand die gratis tickets kon regelen voor Pukkelpop voor mensen die op het einde wilden helpen bij de afbouw van de podia. Wij deden dat dan een met groep van de VUB. Dat waren zalige tijden, en daar heb ik dan dEUS het lied “Suds en Soda” zien brengen.” Whisky? Kaviaar? Bloemen? Alexander De Croo blijft geheimzinnig over wat de muzikanten van dEUS eisen op een festival: “Dat afbreken van het podium was altijd een avontuur. Je moest er wel voor zorgen dat je niet te zat was op het einde van de avond. Wanneer al de rest met met slepende voeten naar huis ging, begon het eigenlijk pas voor ons.” “Het was gevaarlijk werk, maar dat was ook heel tof. Anderen zien het publieksdeel van een festival, maar wij zagen ook de rest. Zoals bijvoorbeeld waar de artiesten hun tijd doorbrachten. En dan zagen wij ook hun rider, de lijst van dingen die artiesten vroegen.” 2003: Foo Fighters “Mijn vrouw en ik waren toen nog niet getrouwd, maar hebben twee jaar in Chicago in de Verenigde Staten gewoond. Ik studeerde daar, terwijl zij werkte. Na mijn studies hebben we een oude auto gekocht. Als mijn ouders die hadden gezien, hadden ze gezegd dat het te gevaarlijk was om daarmee te rijden. Maar wij zijn daarmee door de Verenigde Staten getrokken, van Chicago naar San Francisco.” “We zagen toen dat Summerfest, een van de grootste festivals ter wereld, in Milwaukee was. Dat is op twee uur rijden van Chicago. Toen we daar aankwamen, was dat allemaal beton. Dat hele terrein was een vaste constructie. Ik vond dat verschrikkelijk. Voor mij is een festival de geur van gras en modder, en tenten. Maar daar heb ik wel de Foo Fighters kunnen zien optreden, waar ze onder andere “Learn to fly” hebben gezongen.” Benieuwd waarom Alexander De Croo zijn vrouw in het midden van de festivalweide achterliet? In dit fragment verantwoordt hij die keuze: 2021: Pharrell Williams Flashforward naar de zomer van 2021. Het lied “Freedom” van Pharrell Williams heeft een nieuwe betekenis gekregen. Ook voor Alexander De Croo, die zijn zomers duidelijk normaal ook anders doorbrengt dan tijdens corona. “We hebben beseft hoe hard we freedom gemist hebben. Vrijheid is een evidentie. Er gaat niemand zeggen wat ik thuis wel en niet mag doen, maar dat hebben we nu toch moeten doen voor onze gezondheid en de mensen rondom ons. Dat is ook voor mij zwaar geweest. Deze zomer gaat in de goede richting. Als we nu iemand tegenkomen, kunnen we iets gaan drinken of in de tuin gaan zitten. We kunnen tenminste weer mensen zien.” De familie De Croo heeft zoals veel andere gezinnen een hond geadopteerd. Hieronder doet Alexander De Croo een oproep naar de luisteraars. (Hint: de hond is tot op heden naamloos):

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *