,

Dat blijkt uit de nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

In 2019 maakte nog 2,1 procent van de werkenden deel uit van een gezin met een inkomen onder de lage-inkomensgrens. In 2013 was dat zelfs nog 3,5 procent.

Risico op armoede groter voor ondernemers

Met een inkomen onder de lage-inkomensgrens loopt een huishouden het risico op armoede. Voor een alleenstaande ligt de grens op 1100 euro netto, voor een paar zonder kinderen op 1550 euro en voor een paar met twee kinderen op 2110 euro.

Uit de cijfers blijkt ook dat ondernemers een veel grotere kans op armoede lopen dan mensen in loondienst. Slechts 1,2 procent van de werknemers heeft te kampen met het risico op armoede.

Dat percentage ligt voor ondernemers met personeel al veel hoger, op 2,8 procent. Zzp’ers moeten helemaal oppassen. Van hen leeft 5,9 procent in een huishouden met een laag inkomen.

,

Voltijdwerken helpt enorm

Geen verrassing wellicht, maar uit de cijfers blijkt nog maar eens duidelijk hoeveel het scheelt om voltijd te werken. Van de ondernemers met personeel en de zzp’ers die hun werk in deeltijd deden, had zo’n 17 procent een laag inkomen. Bij werknemers is ook dat percentage, met 2,8 procent, veel lager.

Voltijdwerkers zitten maar zelden echt in de financiële penarie. Bij werknemers, zzp’ers en zelfstandigen met personeel is het armoederisico minder dan 1 procent als ze voltijd aan de slag zijn. Langdurige kans op armoede, dat wil zeggen een aantal jaren achter elkaar, komt vrijwel niet voor onder mensen die fulltime werken.

,

Horeca en de kunsten

Als je het risico op armoede zoveel mogelijk wil beperken, dan kun je beter heen zzp’er worden in de horeca, het onderwijs, of de cultuursector. Tussen de 9 en 12 procent van de zzp’ers in die sectoren leeft met een laag gezinsinkomen.

,

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here