,

Dat schrijft demissionair staatssecretaris Steven van Weyenberg van Infrastructuur en Waterstaat in een brief aan de Tweede Kamer. “Het ombouwen of vervangen van vervuilende bouwmachines kost veel geld”, zegt hij. “Daarom geven we bouwondernemers graag een steuntje in de rug.”

Stikstofcrisis

De regeling is een gevolg van de stikstofcrisis die de bouw al ruim twee jaar in zijn greep houdt. In mei 2019 oordeelde de Raad van State dat het Nederlandse stikstofbeleid, vastgelegd in het Programma Aanpak Stikstof (PAS), niet deugt. Als gevolg hiervan kwamen veel grote bouwprojecten stil te liggen.

,

Door uitstootvrij te bouwen kunnen deze projecten, waaronder de bouw van nieuwe wegen en woningen, wel doorgaan. “Uitstootvrij bouwen scheelt een hoop kopzorgen over stikstof”, aldus Van Weyenberg. “En het is fijn voor de mensen die werken of wonen op en rond bouwplaatsen. Schonere lucht en minder herrie.”

Tot de helft subsidie

Bijna alle stikstofuitstoot van de bouw komt van het gebruik van voertuigen en machines op de bouwplaats. Het kabinet wil dat de bouw in 2030 60 procent minder stikstof en 0,4 megaton minder CO2 uitstoot, zoals vastgelegd in de Aanpak Stikstof en het Klimaatakkoord. Deze subsidieregeling kan daaraan bijdragen, aldus het ministerie. 

,

,

Grote bouwers, zoals BAM of Heijmans, kunnen tot maximaal 40 procent van de aanschaf- of ombouwkosten terugkrijgen. Mkb’ers worden extra tegemoet gekomen: zij kunnen tot de helft subsidie ontvangen. Wel geldt er een maximumbedrag per aanvraag.

Uitkoop boeren

Het geld komt uit een breder pakket aan stikstofmaatregelen, zoals de uitkoop van boeren. Het kabinet treft daarnaast tal van maatregelen om ondernemers te helpen over te stappen op schonere alternatieven, waaronder subsidies voor elektrische auto’s en schepen. Eerder verlaagde het al de maximumsnelheid op snelwegen.

Branchevereniging Bouwend Nederland is blij dat het kabinet de portemonnee trekt om de bouw te vergroenen, zegt voorzitter en oud-minister Maxime Verhagen. “Met deze impuls kan de sector verder doorontwikkelen en wordt deze belangrijke transitie voor ondernemers realistischer en beter betaalbaar.”

,